English

Jurisprudentie

Causaliteit

HR 23.11.2001 NJ 2002 nr. 386 met noot Vranken onder nr. 387, VR 2002 nr. 176 (schending informatieplicht arts)

Bij operatie aan pols treedt complicatie op (zenuwbeschadiging) waarover patiënt niet geïnformeerd was. Vraag naar causaal verband tussen schending informatieplicht en schade. Op arts rustende verplichting om patiënt op duidelijke wijze in te lichten over risico's verbonden aan voorgestelde behandeling, strekt er niet toe patiënt te beschermen tegen risico's van dergelijke behandeling, maar om patiënt in staat te stellen goed geïnformeerd te beslissen of hij al dan niet toestemming voor voorgestelde behandeling zal geven. Optreden van schade doordat bedoelde risico's intreden, kan niet worden aangemerkt als verwezenlijking van risico dat door tekortschieten door arts in nakoming van zijn informatieplicht in het leven is geroepen. Omkeringsregel is derhalve niet van toepassing.

HR 23.11.2001 NJ 2002 nr. 387 met noot Vranken (schending informatieplicht arts)

Eenzelfde beslissing als HR 23.11.2001 NJ 2002 nr. 386.

HR 19.3.2004 NJ 2004 nr. 307 met noot Asser

Hoewel huisarts gezien beslissing tuchtrechter tegenover overleden patiënt is tekortgeschoten, staat causaal verband tussen tekortschieten en overlijden niet vast nu weduwe "post mortem" onderzoek had kunnen laten uitvoeren. Dat doodsoorzaak nu niet bekend is, komt niet voor risico van huisarts. Omkeringsregel niet van toepassing omdat daarvoor is vereist dat sprake is geweest van een gedraging in strijd met een norm die strekt tot voorkoming van een specifiek gevaar terzake van het ontstaan van schade en dat degene die zich op schending van deze norm beroept, ook bij betwisting aannemelijk heeft gemaakt dat in het concrete geval het specifieke gevaar waartegen de norm bescherming beoogt te bieden, zich heeft verwezenlijkt.

HR 7.12.2007 NJ 2007 nr. 644, JA 2008 nr. 23 met noot Giard, VR 2008 nr. 86

Gynaecoloog maakt kunstfout door niet tijdig keizersnede uit te voeren. Kind is vanaf geboorte lichamelijk en geestelijk gehandicapt. Ouders kind stellen gynaecoloog aansprakelijk en doen in kader van te bewijzen causaal verband tussen fout en hersenletsel kind beroep op omkeringsregel. Norm dat gynaecoloog in situatie als onderhavige zo spoedig mogelijk tot keizersnede moet overgaan, strekt ertoe te voorkomen dat gevaar dat ongeboren kind als gevolg van zuurstofgebrek hersenschade oploopt zich realiseert. Juist dat specifieke gevaar heeft zich gerealiseerd, zodat omkeringsregel van toepassing is.

HR 16.4.2010 NJ 2010 nr. 229

Eerste abortus mislukt door medische fout, waarna patiënte afziet van tweede abortus en van gezond kind bevalt. Zij vordert van ziekenhuis vergoeding van kosten van geboorte en levensonderhoud kind. Vordering is tijdig gestuit. Causaal verband tussen beroepsfout van gynaecoloog en schade van patiënte wordt niet verbroken door beslissing om geen tweede abortus te ondergaan. Dit is anders als patiënte bij tweede controle zich had bedacht en inmiddels kind wenste. Ziekenhuis draagt bewijsrisico van die stelling, maar slaagt niet in bewijs daarvan. Ziekenhuis is aansprakelijk.

LJN BX7264

HR 23.11.2012 LJN BX7264, NJ 2012 nr. 669, JA 2013 nr. 3 met noot Simons, VR 2014 nr. 19

Kind loopt hersenletsel op rond geboorte, waarvoor ouders schadevergoeding van gynaecoloog vorderen. Beroepsfout gynaecoloog staat vast en met toepassing van omkeringsregel wordt causaal verband met schade aangenomen. Gynaecoloog heeft norm dat vanaf moment van toediening epidurale anesthesie permanente CTG-bewaking van foetus moet plaatsvinden geschonden. Deze concrete medische gedragsnorm/veiligheidsnorm beoogt tegen specifiek gevaar van (blijvend) hersenletsel door foetaal zuurstofgebrek te beschermen. Nu bij kind sprake is van blijvende hersenschade, is aannemelijk dat dit specifieke gevaar zich heeft verwezenlijkt. Voor toepassing van omkeringsregel is voorwaarde dat specifieke gevaar aanmerkelijk moet zijn vergroot, geen geldend recht. Ratio van omkeringsregel brengt mee dat onzekerheid over exacte verloop van gebeurtenissen voor risico komt van degene die norm heeft geschonden zodat dat verloop dan in zoverre niet door benadeelde hoeft te worden gesteld en, bij betwisting, bewezen. Gynaecoloog heeft niet aannemelijk gemaakt dat schade ook bij adequate CTG-registratie zou zijn ontstaan. Vordering toegewezen.

lagere rechters

Rechtbank Zwolle 31.5.2000 NJ Kort 2000 nr. 89

Als gevolg van vertraging in medische behandeling ontstaan complicaties. Kans dat die complicaties niet zouden zijn ontstaan indien behandeling tijdig zou zijn aangevangen, wordt door deskundige geschat op nihil of verwaarloosbaar klein. Rechtbank stelt schade, bestaande uit verloren gegane kans op niet-ontstaan van complicaties bij tijdige behandeling, op 20%.

Rechtbank Groningen 4.5.2007 NJF 2007 nr. 355

Op basis van summiere medische verslaglegging wordt het ervoor gehouden dat gynaecoloog bij geboorte kind te hard aan hoofdje heeft getrokken. Causaal verband tussen dit onzorgvuldig handelen en zenuwletsel kind laat zich niet vaststellen. Naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid is onaanvaardbaar om onzekerheid hierover in zijn geheel op ouders dan wel op ziekenhuis en arts af te wentelen. Laatstgenoemden zijn ex aequo et bono voor 75% schade aansprakelijk.

Rechtbank Utrecht 8.8.2007 NJF 2007 nr. 491, JA 2007 nr. 147, RAV 2007 nr. 53

Gynaecoloog maakt fout bij abortus waardoor zwangerschap in stand blijft. Ouders kiezen niet voor tweede abortus. Vraag of causaal verband bestaat tussen fout en schade. Keuze voor abortus is hoogstpersoonlijk en leent zich niet voor toetsing door rechter. Feit dat ouders geen of minder schade hadden geleden in geval van tweede abortus, kan gezien aard van die keuze (dus) niet aan hen worden tegengeworpen. Fout arts heeft ouders voor het dilemma geplaatst; schade volledig toerekenbaar aan fout arts.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 10.3.2009 NJF 2009 nr. 130, JA 2009 nr. 83 met noot Van Dijk

Patiënt ondergaat in 1997 knieoperatie onder bloedleegte. Na operatie houdt patiënt klachten als gevolg van drukneuropathie. Hij spreekt ziekenhuis aan. Chirurg heeft in strijd met toenmalige stand van medische wetenschap, zoals die blijkt uit vakliteratuur, te hoge druk bij bloedleegteband gehanteerd. Door chirurg geschonden veiligheidsnorm strekt tot bescherming tegen gevaar van zenuwletsel. Op grond van omkeringsregel wordt causaal verband tussen hanteren bovenmatige druk en letsel aangenomen. Nu ziekenhuis causaal verband onvoldoende heeft weerlegd, is er geen ruimte voor nader tegenbewijs.

Gerechtshof 's-Gravenhage 28.4.2009 JA 2009 nr. 104

Arts verzuimt patiënt anti-hypertensiva toe te dienen terwijl hij daartoe wel gehouden was. Patiënt krijgt hersenbloeding. Vraag is of schade in causaal verband staat met (vaststaande) beroepsfout van arts. Op grond van deskundigenbericht oordeelt Hof dat kans op hersenbloeding bij correct optreden van arts weliswaar verminderd zou zijn, maar dat kans op hersenbloeding zodanig gering is dat deze zich niet laat vertalen in rechtens relevante mate van gemis aan kans die zich leent voor vergoeding van schade. Vordering van patiënt afgewezen.