English

Jurisprudentie

Algemeen

HR 28.11.1997 NJ 1998 nr. 705 met noot Hijma

Gebruiker verklaart in één verwijzing twee sets algemene voorwaarden van toepassing zonder aan te geven welke set in gegeven geval van toepassing zal zijn. Onder deze omstandigheden is geen van beide sets van toepassing.

HR 19.12.1997 NJ 1998 nr. 271

Toepasselijkheid algemene voorwaarden. Partijen handelden in kader van professionele bedrijfsuitoefening. Afnemer had bedacht moeten zijn op algemene voorwaarden. Bij totstandkoming overeenkomst is in midden gelaten of algemene voorwaarden van toepassing zouden zijn. Door vervolgens niet te protesteren tegen herhaalde verwijzing op facturen naar algemene voorwaarden, moet afnemer geacht worden met algemene voorwaarden te hebben ingestemd.

HR 1.10.1999 NJ 2000 nr. 207 met noot Hijma

Gebruiker heeft aan wederpartij niet op een der in art. 6:234 lid 1 BW genoemde wijzen mogelijkheid geboden van algemene voorwaarden kennis te nemen. Wederpartij kan echter geen beroep doen op vernietigbaarheid exoneratiebeding uit die algemene voorwaarden indien hij ten tijde van sluiten overeenkomst met dat beding bekend was of geacht kon worden daarmee bekend te zijn. Ook kunnen zich omstandigheden voordoen waaronder beroep op vernietigbaarheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.

HR 2.2.2001 NJ 2001 nr. 200

Duitse opdrachtgever is als internationaal opererende handelsonderneming ervan op de hoogte dat voetteksten verwijzingen naar algemene voorwaarden kunnen bevatten. Door geen nadere toelichting op in Nederlands voorgedrukte tekst aan voet van briefpapier van expediteur te vragen en hem zonder meer opdracht tot verrichten van expeditiewerkzaamheden te verstrekken, heeft Duitse opdrachtgever bij Nederlandse expediteur gerechtvaardigd vertrouwen gewekt dat hij instemde met toepasselijkheid van Fenex-voorwaarden.

HR 14.6.2002 NJ 2003 nr. 112 met noot Nieuwenhuis

Art. 6:233 sub a BW en art. 6:248 lid 2 BW kunnen naast elkaar gelden maar rechtsgevolgen van deze beide bepalingen (vernietigbaarheid respectievelijk niet van toepassing zijn) kunnen niet naast elkaar worden ingeroepen. Het is aan wederpartij van gebruiker algemene voorwaarden om aan te geven op welke rechtsgrond hij zich wenst te baseren.

HR 21.2.2003 NJ 2004 nr. 567 met noot Hijma

Vraag of in koopovereenkomst opgenomen voorkeursrecht met prijsbeding bij overlijden koper ten voordele van stichting vernietigbaar is als onredelijk bezwarende algemene voorwaarde. Voor vaststelling van wat onder kernbeding moet worden verstaan, is niet bepalend of beding voor gebruiker of voor beide partijen belangrijk punt regelt. Begrip kernbeding moet zo beperkt mogelijk worden opgevat, waarbij als vuistregel kan worden gesteld dat kernbedingen veelal zullen samenvallen met essentialia zonder welke een overeenkomst, bij gebreke van voldoende bepaalbaarheid van verbintenis, niet tot stand komt (zie HR 19.9.1997 NJ 1998 nr. 6 en - na verwijzing - Gerechtshof Amsterdam 7.5.1998 NJ 2000 nr. 559, beide niet opgenomen). Partijen kunnen niet zelf bedingen tot kernbeding bestempelen.

HR 13.6.2003 NJ 2003 nr. 506

Partijen verwijzen in schriftelijk contract naar Technische Omschrijving en naar Algemene voorwaarden die onderling tegenstrijdige aansprakelijkheidsregimes bevatten. Vraag welke bepaling prevaleert, moet niet worden getoetst aan art. 6:225 BW maar aan Haviltexmaatstaf ("Voor de uitleg van de bepalingen van het contract komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten."). Dat eerder een der partijen in offertestadium als eerste naar zijn voorwaarden heeft verwezen, is geen reden voor toetsing aan art. 6:225 BW nu naar tegenstrijdige voorwaarden wordt verwezen in een door beide partijen ondertekende overeenkomst. Er bestaat geen ongeschreven regel dat specifieke bepaling in overeenkomst gaat boven bepaling in algemene voorwaarden. Wel kan zulks gelden als gezichtspunt bij uitleg overeenkomst.

HR 12.8.2005 JA 2005 nr. 92 met noot Van Doorn

Boer stelt schade te lijden door verminderde melkkwaliteit en verergering klauwaandoening bij zijn koeien vanwege onjuist advies groothandel over gebruik desinfectiemiddel. Advies was in strijd met van overheidswege vastgestelde gebruiksvoorschriften die mede strekken tot voorkoming van schade bij dieren en daarom onrechtmatig. Geen grond voor derdenwerking exoneratiebeding in overeenkomst groothandel met foeragehandelaar via wie levering middel heeft plaatsgevonden. Boer heeft niet vertrouwen gewekt dat groothandel exoneratie ook jegens hem zou kunnen inroepen.

HR 2.12.2011 NJ 2011 nr. 574

Als bij uitvoerige onderhandelingen tussen professionele partijen door gebruiker in offertes steeds is verwezen naar haar algemene voorwaarden en deze door haar bij offerte waarnaar in opdrachtbevestiging is verwezen (en eerdere offertes) zijn bijgesloten, zonder dat wederpartij hierop afwijzend heeft gereageerd, kan dat meebrengen dat gebruiker erop mocht vertrouwen dat voorwaarden door wederpartij zijn geaccepteerd.

HR 30.3.2012 NJ 2012 nr. 392 met noot Polak, RAV 2012 nr. 64

Om aan te kunnen nemen dat forumkeuze is overeengekomen in vorm die wordt toegelaten door tussen partijen gebruikelijk geworden handelwijzen (art. 23 lid 1 sub b EEX) is niet voldoende dat facturen over voorgaande jaren verwijzen naar FENEX-voorwaarden. Vereist is dat aan wederpartij die voorwaarden waren meegedeeld en wel zodanig dat zij forumkeuzebeding in voorwaarden kende of heeft kunnen kennen (vgl. HR 27.5.2011 NJ 2012 nr. 391, niet opgenomen). Zie in gelijke zin HR 30.3.2012 RvdW 2012 nr. 503.

HR 27.4.2012 RvdW 2012 nr. 684

Accountant adviseert vader over herstructurering van groep vennootschappen met oog op deelname van zijn kinderen daarin. Later blijkt dat holdingvariant fiscaal voordeliger was dan geadviseerde schenkingsvariant. Hof honoreert beroep van aangesproken accountant op vervalbeding in algemene voorwaarden. Zonder nadere toelichting valt echter niet in te zien waarom vader en kinderen ten tijde van opdracht tot advisering behoorden tot in art. 6:235 lid 1 bedoelde (rechts)personen die geen beroep kunnen doen op vernietigingsgronden van art. 6:233 en 6:234 BW.

ECLI:NL:HR:2015:1125

HR 24.4.2015 ECLI:NL:HR:2015:1125

In overeenkomst wordt achter contractsvoorwaarden verwezen naar branchevoorwaarden met arbitragebeding en onderaan in kleiner lettertype naar algemene voorwaarden van verkoper, die voor geschilbeslechting verwijzen naar Rechtbank Middelburg. Situatie als bedoeld in HR 28.11.1997 NJ 1998 nr. 705 met noot Hijma (alternatieve dubbele verwijzing) doet zich niet voor. Toepasselijkheid van twee sets algemene voorwaarden is bedongen en aanvaard (cumulatieve dubbele verwijzing) en er is geen grond om deze sets voorwaarden buiten toepassing te laten, indien daarin onderling strijdige bedingen voorkomen. Door uitleg dient te worden vastgesteld welke van die bedingen prevaleert. Daarbij kan rechter gewicht toekennen aan onder meer wijze waarop desbetreffende bedingen in overeenkomst zijn vermeld, dan wel geïncorporeerd (HR 13.6.2003 NJ 2003 nr. 506). Hof kon betekenis toekennen aan omstandigheid dat verwijzing in branchevoorwaarden, anders dan die naar eigen algemene voorwaarden, niet is voorgedrukt, maar is vermeld in gedeelte van overeenkomst dat per transactie wordt ingevuld. Arbitragebeding geldt tussen partijen.

ECLI:NL:HR:2015:3013

HR 9.10.2015 ECLI:NL:HR:2015:3013, NJ 2015 nr. 442

Cactuskweker bestelt regelmatig telefonisch potgrondproducten bij leverancier en tekent afleverbonnen voor ontvangst. Op afleverbonnen staat clausule die aansprakelijkheid van leverancier beperkt en wordt verwezen naar algemene voorwaarden. Hof acht vermelding van exoneratieclausule op afleverbonnen onvoldoende, nu handtekening slechts is geplaatst voor ontvangst en partijen niet voorafgaand aan eerste levering over van toepassing zijnde exoneratie hebben gesproken. Hof heeft beroep op aansprakelijkheidsbeperking op onjuiste gronden verworpen. Bij beantwoording van vraag of partijen toepasselijkheid van exoneratieclausule zijn overeengekomen, mogen immers geen andere maatstaven worden aangelegd dan die welke in algemeen gelden voor tot stand komen van overeenkomst, zoals neergelegd in art. 3:33 en 3:35 BW. Daaruit vloeit voort dat voor antwoord op vraag of clausule deel uitmaakt van tussen partijen gesloten overeenkomst aankomt op alle omstandigheden van geval.

lagere rechters

Rechtbank Zwolle 21.5.2003 NJ Kort 2003 nr. 80

Tussen leverancier en afnemer bestaat bestendige relatie. Inkoper hanteert algemene inkoopvoorwaarden waarin Weens Koopverdrag niet is uitgesloten. Op enig moment gaat inkoper nieuwe voorwaarden hanteren, waarin dat verdrag wel wordt uitgesloten. Verwijzing op inkooporders naar algemene voorwaarden niet voldoende om die nieuwe voorwaarden, hoewel gedeponeerd, van toepassing te doen zijn, nu inkoper had moeten aangeven welke voorwaarden hij van toepassing wilde laten zijn en inkoper niet op hoogte was van wijziging.

Gerechtshof Arnhem 27.9.2005 NJF 2006 nr. 246

Koper tuinbanken bevestigt order aan verkoper. Eerst in daarop volgende orderbevestiging van verkoper verwijst die naar algemene voorwaarden. Voor vraag of algemene voorwaarden van toepassing zijn, is bepalend of partijen bij orderbevestiging door kóper al complete overeenkomst hadden gesloten. Zo nee, dan is de vraag of verkoper er na verwijzing naar algemene voorwaarden gerechtvaardigd op mocht vertrouwen dat koper geldigheid van die voorwaarden aanvaardde. Omdat orderbevestiging verkoper ook leveringstermijn vastlegde, was eerder geen sprake van complete overeenkomst. Verkoper heeft in orderbevestiging overeenkomst ook willen aanvullen met algemene voorwaarden. Nu algemene voorwaarden in branche gebruikelijk zijn, had koper hierop bedacht moeten zijn. Door niet te reageren, heeft koper gerechtvaardigd vertrouwen gewekt dat algemene voorwaarden deel uitmaakten van overeenkomst.

Rechtbank Rotterdam 5.7.2006 NJF 2006 nr. 572

Partijen sluiten mondeling overeenkomst waarbij niet wordt verwezen naar algemene voorwaarden. Nu partijen al sedert enkele jaren regelmatig zaken doen, waarbij op alle facturen en correspondentie naar die voorwaarden wordt verwezen en niet tegen toepasselijkheid daarvan is geprotesteerd, zijn voorwaarden ook op mondeling gesloten overeenkomst van toepassing. Gebruiker moet bewijzen dat die voorwaarden voor sluiten overeenkomst aan contractspartij ter hand gesteld zijn.

Rechtbank Arnhem 20.2.2008 NJF 2008 nr. 172

"kleine rechtspersoon" in zin van art. 2:396 BW met beperkte publicatieverplichting is geen onderneming in zin van art. 6:235 lid 1 BW. Deze kan dus beroep doen op vernietigingsgrond van artt. 6:233 aanhef onder b juncto 6:234 lid 1 onder a BW.

Rechtbank Zutphen 14.1.2009 NJF 2009 nr. 244

Beginsel van goede trouw uit Weens Koopverdrag vereist voor toepasselijkheid van algemene voorwaarden op koopovereenkomst met internationaal karakter dat tekst van voorwaarden voorafgaand aan of tijdens sluiten van overeenkomst aan wederpartij ter beschikking is gesteld. Verwijzing naar algemene voorwaarden in aanbod tot sluiten overeenkomst is daarvoor voldoende.