English

Jurisprudentie

Ondergeschikten

art. 6:170 BW


HR 9.11.2007 RvdW 2007 nr. 960, JAR 2007 nr. 305, JA 2008 nr. 25, VR 2008 nr. 46

Tijdens personeelsfeest wordt lampolie op barbecue gegooid waardoor brand ontstaat. Restaurant spreekt werkgever aan ex art. 6:170 BW. Voor antwoord op vraag of tussen fout werknemer en dienstbetrekking zodanige functionele samenhang bestaat dat werkgever aansprakelijk is, zijn alle terzake dienende omstandigheden van belang, zoals tijdstip waarop en plaats waar gedraging is verricht, aard gedraging en eventueel door of ingevolge dienstbetrekking voor maken fout geschapen gelegenheid. Niet noodzakelijk dat degene die zeggenschap had over gedraging een verwijt treft ten aanzien van fout werknemer; treft leidinggevende wel verwijt, dan is dat relevante omstandigheid. Dat werknemers en werkgever als zekere eenheid naar buiten treden, kan ook relevant zijn, zelfs als dat niet geschiedde in kader van uitoefening bedrijf. Werkgever aansprakelijk geacht, ook al werd fout buiten werktijd gemaakt, buiten werkplek en hield fout geen verband met bedrijfsuitoefening.

HR 30.10.2009 NJ 2010 nr. 52 met noot Mok, JAR 2009 nr. 288

Werknemer die tijdens pauze op stoel zit, wordt van achteren door collega in houdgreep genomen waardoor hij in ademnood komt te verkeren. Hij spreekt werkgever (gemeente) ex art. 6:170 BW aan. Voor antwoord op vraag of kans op fout van collega, als ondergeschikte van gemeente, door opdracht tot verrichten van zijn taak is vergroot, moet aan hand van alle relevante omstandigheden worden onderzocht of tussen fout van werknemer en diens werk zodanig verband bestaat dat werkgever voor schade aansprakelijk is. Niet juist is dat alleen beoordeeld wordt of kans op fout is vergroot door opdracht aan werknemer tot verrichten van bepaalde taak.

ECLI:NL:HR:2017:1345

HR 14.7.2017 ECLI:NL:HR:2017:1345

Bij werkzaamheden aan spoor in opdracht van ProRail wordt schade toegebracht aan wissel door werktrein met begeleider. Verzekeraar van aannemer neemt regres op bedrijf (JMV) dat veiligheidspersoneel ter beschikking heeft gesteld, onder wie werktreinbegeleider (WTB-er) die in dienst was bij ander bedrijf. Naar oordeel Hof heeft WTB-er onrechtmatig gehandeld en is JMV op voet van art. 6:170 lid 1 BW aansprakelijk voor schade aan wissel van ProRail. Hoge Raad stelt verhaalsmogelijkheden bij schade toegebracht bij uitvoering van overeenkomst en die voor rekening van contractspartij is gekomen voorop. Rechter dient in op art. 6:170 BW stoelende procedure - waarin werknemer zelf geen partij is - onrechtmatigheid van handelen van werknemer niet anders te beoordelen dan indien aansprakelijkheid van werknemer zelf in geding is. Oordeel Hof dat WTB-er onrechtmatig heeft gehandeld door af te gaan op zijn (onjuiste) visuele oordeel en zich niet van stand van wissel te vergewissen door van werktrein af te stappen, is niet goed gemotiveerd. Hof maakt niet duidelijk waarom voor betrokkenen zicht op wissel ontoereikend was. Feit dat inschatting van WTB-er onjuist is gebleken en aanzienlijke schade is ontstaan, kan niet redengevend zijn voor onrechtmatigheidsoordeel Hof. Voor voor toepassing van art. 6:170 lid 1 BW vereiste ondergeschiktheid is bestaan van zeggenschap bij aansprakelijk gehouden partij over vraag of en op welke momenten persoon die onrechtmatig heeft gehandeld, werkzaamheden voor bepaalde derde dient uit te voeren, in beginsel voldoende. Hof kon oordelen dat JMV voldoende zeggenschap had over gedragingen van WTB-er en dat aan aannemer ter beschikking stellen van WTB-er kans heeft vergroot op fout van WTB-er, die taken had te verrichten met betrekking tot veiligheid van werk.

lagere rechters

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 6.5.2003 VR 2003 nr. 113

A huurt samen met B een loods en slaat daarin goederen op. Personeel van B verduistert, onder meer met vrachtauto van B en ten dele tijdens weekends, goederen van A.

Rechtbank Groningen 29.10.2003 VR 2004 nr. 165, L&S 2004 nr. 11

Taxichauffeur mishandelt tijdens diensttijd persoon op straat. Slachtoffer spreekt zowel chauffeur als diens werkgever aan tot schadevergoeding. Voor aansprakelijkheid werkgever ingevolge art. 6:170 BW is vereist dat betreffende schade is veroorzaakt door fout van ondergeschikte, er sprake is van ondergeschiktheid en dat tussen fout van ondergeschikte enerzijds en aan hem opgedragen taak anderzijds voldoende (functioneel) verband bestaat. Feit dat fout gelegen is in mishandeling vormt geen beletsel om voldoende verband tussen fout en opgedragen taak aan te nemen. Aansprakelijkheid werkgever kan zich ook uitstrekken tot opzettelijk door ondergeschikte gepleegde misdrijven en baldadigheden, ook al vinden deze vergrijpen buiten opgedragen taak plaats, mits zij worden begaan in werkzaamheden waartoe werkgever ondergeschikte gebruikt. Chauffeur en werkgever hoofdelijk aansprakelijk nu aan alle eisen is voldaan.

Rechtbank Rotterdam 17.3.2004 NJF 2004 nr. 339

Tijdens paardrijles in kader van vrijgezellenfeest valt deelneemster van paard en raakt gewond. Zij spreekt eigenaar manege en instructrice aan op grond van art. 6:162 juncto 6:170 BW dan wel 6:179 BW. Ook fouten van vrijwilligers in georganiseerd verband gemaakt, kunnen leiden tot aansprakelijkheid werkgever ex art. 6:170 BW. Begrip ondergeschikte als bedoeld in art. 6:170 lid 1 BW is niet beperkt tot werknemer die in dienst onderneming is en van die onderneming salaris ontvangt. Ook instructrice die incidenteel paardrijlessen geeft en geen specifieke werkinstructies krijgt van eigenaar manege over wijze waarop zij lessen inricht, is ondergeschikt in de zin van art. 6:170 lid 1 BW. Omdat toedracht val onvoldoende vaststaat, zal deelneemster nader hebben te bewijzen dat instructrice aansprakelijk is ex art. 6:162 BW. Aansprakelijkheid uit hoofde van art. 6:162 juncto 6:170 lid 1 BW en aansprakelijkheid uit hoofde van art. 6:179 BW kunnen in beginsel niet naast elkaar bestaan. Art. 6:179 BW is in situatie waarin paard door instructrice wordt geleid alleen van toepassing wanneer dat paard geheel uit eigen beweging (door onverwachte of onberekenbare gedraging) schade doet ontstaan.

Rechtbank Utrecht 5.10.2005 NJF 2006 nr. 63

Nadat lasser laswerkzaamheden heeft verricht bij champignonbedrijf breekt brand uit. Vaststaat dat risico-inventarisatie achterwege is gebleven. Verplichting tot opstellen risico-inventarisatie rustte op champignonbedrijf omdat dat heeft besloten waar en op welke wijze laswerkzaamheden zouden plaatsvinden en het feit van algemene bekendheid is dat laswerkzaamheden brandgevaarlijk zijn. Ook lasbedrijf had risico-inventarisatie moeten maken. Voor kwalitatieve aansprakelijkheid ex art. 6:170 BW moet sprake zijn van fouten die aan lasser kunnen worden toegerekend. Daarvan kan geen sprake zijn indien werkplek en werkwijze in overeenstemming zijn met door lasbedrijf gegeven instructies, tenzij lasser zelf wist of behoorde te weten dat opvolgen instructies in strijd zou zijn met veiligheidsnormen.

Gerechtshof 's-Hertogenbosch 4.3.2008 JAR 2008 nr. 164

Inlener weigert deel van rekening uitzendbureau te voldoen, omdat uitzendkrachten schade zouden hebben veroorzaakt. Gelet op strekking uitzendovereenkomst is uitzendbureau niet verplicht ervoor te zorgen dat uitzendkrachten werkzaamheden deugdelijk uitvoeren. Geen wanprestatie uitzendbureau. Uitzendbureau is evenmin ex art. 6:170 BW aansprakelijk, nu inlener geen derde is in zin van dit artikel. Risico voor door werknemers gemaakte fouten berust primair bij degene die feitelijke zeggenschap had, opdrachten gaf en feitelijk toezicht uitoefende. Dit is inlener.

Gerechtshof 's-Gravenhage 17.3.2009 NJF 2009 nr. 141, RAV 2009 nr. 58

Verzekeraar zoek verhaal op uitlener van werknemers voor brandschade die tijdens hun werkzaamheden voor verzekerde is ontstaan. Onzorgvuldige uitvoering van werk levert geen tekortkoming van uitlener op. Uitlener had zeggenschap over vraag of, wanneer en hoe lang werknemers werkzaamheden bij verzekerde uitvoerden. Hij is ex art. 6:170 BW aansprakelijk. Verzekerde is ook werkgever in zin van art. 6:170 BW. Verzekerde heeft onvoldoende brandveiligheidsmaatregelen genomen. Fouten werknemers moeten aan hem worden toegerekend. Daarom komt schade wegens eigen schuld volledig voor rekening van verzekerde.