English

Jurisprudentie

Asbest

zie voor arbeidsgerelateerde asbestschade bij aansprakelijkheid werkgever - beroepsziekten


HR 17.12.2004 NJ 2006 nr. 147 met noot Brunner

Mesothelioom-slachtoffer stelt derde, niet zijn formele of materiële werkgever, aansprakelijk voor zijn schade die gevolg is van blootstelling aan asbeststof tijdens werkzaamheden. Grondslag vordering is art. 6:162 BW. Normen die Hoge Raad heeft ontwikkeld in kader van art. 7:658 BW in zijn arresten van HR 25.6.1993 NJ 1993 nr. 686 met noot Stein (Cijsouw/De Schelde I) en HR 2.10.1998 NJ 1999 nr. 683 met noot Vranken (Cijsouw/De Schelde II), zijn niet, ook niet overeenkomstig, van toepassing. Bij beantwoording van vraag of derde onrechtmatig heeft gehandeld, zijn – indien wettelijke regels ontbraken of onvoldoende waren uitgewerkt – beslissend maatschappelijke opvattingen ten tijde van aan derde verweten gedragingen of nalatigheden. Toepassing omkeringsregel bij vaststelling causaal verband tussen onrechtmatige blootstelling aan asbeststof en ziekte.

HR 25.11.2005 NJ 2009 nr. 103 met noot Giesen (kort geding)

Mesothelioomslachtoffer dat kleding heeft gewassen van broers die om huis met asbestplaten hebben gewerkt, stelt producent/leverancier asbestplaten aansprakelijk ex art. 6:162 BW. Rechtmatigheid handelen producent moet worden beoordeeld in licht van maatschappelijke opvattingen ten tijde van verweten gedragingen of nalatigheden. Vanaf moment waarop binnen maatschappelijke kring waartoe producent behoort, bekend moest worden geacht dat aan werken met asbest gevaren voor gezondheid zijn verbonden, had verhoogde zorgvuldigheidsnorm te gelden met oog op belangen van diegenen die zich bevinden in directe nabijheid van plaats waar met asbest wordt gewerkt. Afhankelijk van omstandigheden van geval en van toentertijd bestaande kennis en inzichten welke veiligheidsmaatregelen vanaf dat moment van producent konden worden verwacht. In dat verband zijn mede van belang mate van zekerheid dat werken met asbest gezondheidsrisico's meebracht en aard en ernst van die risico's (vgl. HR 17.12.2004 NJ 2006 nr. 147 met noot Brunner).

lagere rechters

Gerechtshof Arnhem 27.2.2007 JA 2007 nr. 65

Erf in 1967 verhard met asbesthoudend bedrijfsafval van Eternit; afval twee jaar later verwijderd. In 2005 wordt mesothelioom vastgesteld bij zoon eigenaar erf. Deze spreekt Eternit aan tot schadevergoeding. Eternit heeft onrechtmatig gehandeld door zonder enige waarschuwing afval ter beschikking te stellen nu in 1967 in wetenschap bekend was dat a) asbestblootstelling mesothelioom kon veroorzaken, b) besmetting ook thuis kon plaatsvinden, en c) serieuze aanwijzingen bestonden dat ook incidentele blootstelling gezondheidsrisico's opleverde. Nu blootstelling aan asbest belangrijkste oorzaak is van mesothelioom wordt causaal verband tussen onrechtmatig handelen en schade aangenomen. Toetsing aan 'gezichtspunten' HR 28.4.2000 NJ 2000 nr. 430 (Van Hese/De Schelde met noot Bloembergen); vordering niet verjaard. Onduidelijkheid omtrent al dan niet bestaan verzekeringsdekking komt voor risico Eternit.

Rechtbank Almelo 4.6.2008 JA 2008 nr. 110 (kort geding)

Rond woning mesothelioomslachtoffer is van Eternit afkomstig asbestafval gestort voor bodem- en wegverharding en zijn asbestgolfplaten en asbestvilten gebruikt. Vrouw stelt Eternit aansprakelijk. Beroep op verjaring is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Over het verstrekken van asbestgolfplaten en –vilten is onvoldoende gesteld. Eternit heeft wel onrechtmatig gehandeld door zonder deugdelijke waarschuwing of aanwijzing over gebruik en daaraan verbonden gevaar in de periode 1955-1973 asbestafval in verkeer te brengen. Zij kon toen bekend worden geacht met gezondheidsrisico’s van asbest voor grote groepen.

Rechtbank Rotterdam 29.4.2009 JA 2009 nr. 102

Zelfstandig aannemer, die asbestcementplaten van Eternit waarin wit asbest was verwerkt, gebruikte, overlijdt aan mesothelioom. Erven spreken Eternit aan. Eternit had vanaf 1969 afnemers moeten waarschuwen voor gezondheidsrisico's bij bewerken en verwerken van platen. Met verstrekken van folder aan groothandel heeft zij niet aan zorgplicht voldaan. Eternit had ervoor moeten zorgen dat waarschuwing afnemers zelf bereikte, bijvoorbeeld door waarschuwingssticker op elk product. Aannemer treft 20% eigen schuld nu hij eigen verantwoordelijkheid had om zich op hoogte te stellen van ontwikkelingen op zijn vakgebied en maatregelen te nemen.